Het gras bij de buren groener?

Ondanks de goede mogelijkheden op de Waal en de IJssel wil je als echte barbeelliefhebber het ook wel eens op andere rivieren proberen en vooral op de Ardennen rivieren vanwege de omgeving en de mooie groene kleur van de barbelen daar. Het is ook algemeen bekend dat het gras bij de buren altijd groener is. Dat de barbeel al langer in de Ardennen voorkomt is bij de meeste wel bekend. In Nederland komt de barbeel in de Grensmaas het langst voor. Sinds enkele jaren is hij naast de Waal en IJssel ook te vangen in de Roer, de Geul, de Nederrijn, de Lek, Oude Rijn, Zwarte Water, Merwede, Noord en zelfs het Amsterdamrijn kanaal.

Sinds we samen voor dit hengelsportblad over de barbeel schrijven hebben we contact via de mail en gaan we ook regelmatig samen vissen. Tijdens een van die sessies ontstond het idee om een keer een tocht te maken langs de rivieren in Nederland, Belgie, en Luxemburg. Gert maakt wel meer van dit soort tochtjes en weet zodoende goed de weg langs de buitenlandse barbeelstromen. De afspraak moest ver van voren gepland worden i.v.m. werkzaamheden en drukke agenda's. Eind augustus werd op een zondagmorgen gestart aan de IJssel waarna de Waal aan de beurt kwam. Via de Grensmaas zouden we de Ourthe, Amblevé, Semois in België aandoen. In Luxemburg wilde we de Sure aandoen, waarna we via de Moezel en de Rijn weer de grens zouden oversteken naar huis. Planning was dat we enkele dagen weg zouden blijven. Het lag in onze planning om op elke rivier één barbeel te vangen en op deze manier in een paar dagen 8-9 barbeelrivieren te bevissen.
Route
de IJssel is het thuiswater van Gert en de Waal van mijzelf . Het was dan ook helemaal niet verwonderlijk voor ons dat we op deze rivieren binnen 15 minuten waren vertrokken. Op beide wateren hebben we erg goede stekken die altijd snel barbeel opleveren. Voor de IJssel is alleen een vispas voldoende om op bijna de gehele rivier te mogen vissen. Voor de Waal ligt dat net anders.

Een stuk aan het noordelijke gedeelte van Dodewaard tot Ochten is vrij te bevissen met een vispas. Sinds 2010 is er ook een stuk vrijgekomen van Rossum tot voorbij Zaltbommel, aan de zuidkant van de rivier. Bijna alle andere stukken is een vergunning van de rechthebbende noodzakelijk. Nog geen twee uur na de start waren we al op weg naar de Grensmaas. Het was die dag al snel 32 C , wat het overigens heel de trip zou blijven was de voorspelling. De vangsten aan de Grensmaas waren al weken slecht in verband met de zeer lage waterstand. Alleen nog een klein stroompje vormde de Grensmaas. De grensmaas stroomt van Borgharen tot Roermond. In Borgharen is een vergunning van de rechthebbende nodig. Het overige stuk van Bunde tot Roermond zit in de vispas. Beide zagen we een beetje op tegen deze stek in zuid Limburg. Tot onze grote verrassing kregen we ook op deze rivier al na een kleine 20 minuten kleine tikjes op de top. Gert viste met een 3 oz quivertip terwijl ik het probeerde met een lichte avontop ( 1,5 LB ). Het water was kraak en kraak helder en stroomde bijna niet. Toen Gert even later zijn bolo-hengel inzette met een zeer zachte top, werden de kleine tikjes meteen duidelijke herkenbare barbeelbeten. De eerste aanbeet op de bolo hengel was dan ook meteen raak. De barbeel vergreep zich aan een stukje kaas. Op mijn hengel waren de aanbeten niet waarneembaar. Toen ik overstapte op een lichte quivertip sloeg deze wel zichtbaar uit. Ook de halibut pellet werd snel gegrepen. Net na de middag verdwenen we al over de grens.


Via de stek van de Grensmaas reden we richting Comblain-au-pont waar de Ourthe en de Ambleve bij elkaar komen. De Ourthe gevolgd via Durbuy tot voorbij La- Roche-en-Ardenne. Onderweg hebben we op diverse plaatsen een paar korte pogingen gewaagd en ook heel vaak gestopt om te kijken maar overal was het te druk in het water of te weinig water. Om in de Ardennen te mogen vissen moet je in het bezit zijn van een vergunning van het Waalse gewest. Deze is verkrijgbaar op elk Postkantoor in Wallonië. Vraag aan de balie om een ‘ permis du pêche'. Na het overhandigen van je legitimatiebewijs wordt ter plekke een vergunning klaar gemaakt.

Tevens vragen ze aan de balie of je een vergunning wilt om van de kant of wadend te vissen. Die eerste kost 13 euro voor een voor een jaar, een vergunning om wadend te vissen kost 38 euro. Neem je die goedkope blijf dan ook echt op de kant. Tijdens een warme zomerdag lekker met je tenen in het water, of het water inlopen om een vis te landen wordt gezien als wadend vissen. Krijg je op dat moment controle dan volgt een fikse boete of inbeslagname van alle hengelspullen. Neem ook een legitimatiebewijs mee als je gaat vissen. Tijdens een controle vragen ze niet alleen naar de permis du pêche maar ook naar een legitimatiebewijs. Waar ze niet moeilijk over doen zijn gekleurde maden. Rood,geel,blauw,groen alle kleuren zijn te koop in de hengelsportzaak en vaak alleen als mix met witte maden te koop. Wil je uitsluitend met ongekleurde maden vissen neem ze dan mee uit Nederland.
Met alleen die permis du pêche mag je niet overal vissen. Vooral de gedeeltes van de rivieren waar op forel gevist wordt zijn vaak privé of gepacht door een vereniging. Is een gedeelte gepacht dan staat aan het water aangegeven waar je die extra vergunning kunt kopen. Voor de Ourthe geldt dat je stroomafwaarts van de stuw bij Nisramont genoeg hebt aan de peremis du pêche. Voor de Semois geldt dat stroomafwaarts van Herbeumont tot aan de Franse Grens. De gesloten tijd voor barbeel loopt van de derde zaterdag in Maart tot de eerste zaterdag in Juli. Let hierbij ook nog op het verschil tussen een bevaar en bevlotbaar water. Op deze rivieren mag je vanaf 1 maart niet meer vissen. 's Avonds zijn we nog naar de Semois gereden. In het donker reden we langs smalle weggetjes tien keer links twaalf keer rechts, daarna een bospad in met een steile bult af en toe. Daar stonden we aan de oever van de Semois onder een mooie sterrenhemel. Het was er zo donker dat de melkweg zichtbaar was.
Voor mij was de Semois nieuw maar Gert kent de omgeving goed. Zijn eerste barbeel ooit ving hij een aantal jaren geleden aan de Semois en sinds die tijd reist hij elk jaar wel een keer richting het zuiden van België. Wat hem door de jaren opviel was dat het steeds moeilijker werd om barbeel te vangen. En niet alleen vangen maar ook om überhaupt maar een barbeel te zien. In de beginjaren kon je vanaf elke brug of hoge oever wel ergens een barbeel zien flanken. Dat geldt niet alleen voor de barbeel maar ook voor de kopvoorn en voor de forel. Wierp je een paar jaar geleden een hand vol maden van de brug in het dan kwamen er hele scholen kleine visjes op aan. Nu kun je de maden volgen tot op de bodem en zie je dat er af en toe één wordt weggepikt. Navraag bij Belgische collegavissers leverde niet veel soelaas op. Er waren geen gevallen van vervuiling of andere milieuproblemen bekent, ze gaven het erop dat een aantal strenge winters de visstand aardig had uitgedund.

Volgende ochtend hebben we twee korte sessies gevist en daarna de gehele omgeving afgespeurd. Vanaf elke brug of hoge kade gespot maar geen barbeel te bekennen. Slechts een keer zagen we een schooltje kleine vissen zwemmen.. Rond de middag richting Luxemburg vertrokken om nog vergunning te kunnen regelen in Vianden. Wel ruim te tijd genomen voor de reis om de toeristische route te kunnen nemen om van het landschap te genieten. Tegen de avond en volgende ochtend hebben we gevist aan de Sure in de buurt van Wallendorf .
De Sure
Gert had er eerder dat jaar gevist met zijn zoon Gregory. Toen waren de omstandigheden heel anders. Door hevige regenval stond de rivier veel hoger en was het water troebel en grijs/bruin gekleurd. En ze zaten op dezelfde plek waar ik nu zat maar die ellendige waterplanten waar ik constant in vast zat waren toen niet te bekennen. Wat ook anders was waren de aanbeten. Ze hoefden niet te wachten tot het donker was maar gewoon midden op de dag werden de hengel bijna uit de steun getrokken door 60 + barbelen die een stukje Nederlandse kaas wel zagen zitten. Omstandigheden spelen dus wel degelijk een grote rol.
Een visvergunning in Luxemburg is eenvoudig te verkrijgen bij het syndicate d'initiative ( het Luxemburgse vvv). In elke grote plaats vindt je wel zo'n syndicate. Na vertoon van je paspoort en het overhandigen van vijf euro krijg je een weekvergunning. Voor vijftien euro krijg je een jaar vergunning en een maand vergunning kost tien euro. Financieel gezien is er dus geen enkele reden om je hengels thuis te laten als je een bezoek aan het groothertogdom brengt.

In Luxemburg heb je twee vergunningen. Één voor de grensrivieren en één voor de rivieren landinwaarts. Die grensrivieren Moezel, Sure en Our zijn voor barbeelvissers het meest aantrekkelijk. Er gelden wel verschillende regels voor die drie rivieren. Zo moet je, wil je de Our via een weiland bereiken, officieel toestemming hebben van de grondeigenaar. Volgens de lokale vissers mag de politie je alleen wegsturen maar daar kun je beter niet op gokken. Er zijn een paar bruggen en toegangswegen waar je legaal het riviertje kunt bereiken. Langs de Sure en Moezel loopt een doorgaande weg en is het veel makkelijker om een stek te vinden. Mits aangegeven mag je daar bijna overal vissen. Verder mag je op de Our en de Sure slechts met één hengel vissen en op de Moezel weer met twee.

En je madenbakken kun maar maar beter legen op de Belgisch/ Luxemburgse grens want gekleurde maden zijn in Luxemburg ten strengste verboden. ‘s Morgens vroeg aan de Sure barstte er een geweldig onweer los. We besloten om op de terugweg nog even naar grensmaas te gaan. We reden naar dezelfde stek en begonnen nu meteen met slappe quivertippen. In korte tijd kregen we diverse aanbeten en werden twee barbelen verzilverd. Als toetje haakte Gert nog een mooie spiegelkarper welke na een voorzichtige en geweldige dril werd geland.
Ondanks dat we niet in elke rivier succesvol waren keken we terug op een geweldige ervaring. Maar liefst 6 barbelen, 1 kopvoorn en een mooie spiegelkarper wisten we te vangen.

Conclusie
De Ourthe is een mooie uitvalsbasis voor het barbeelvissen in de winter. Vlak na de gesloten tijd zul je er ook nog een paar weken leuk kunnen vissen. Maar bereikt het water eenmaal een aangename temperatuur dan heeft het meer weg van een recreatiebad. Als je er een flinke wandeling voor over hebt kun je nog wel een stek vinden waar niet wordt gezwommen maar dan heb je altijd nog die kano's.
De Semois is en blijft een mooie rivier ondanks dat de vispopulatie is afgenomen. Het is daar vooral lekker rustig. De rivier loopt grotendeels door het landschap zonder dat er wegen of fietspaden de rivier volgen. Met wat veldwerk vindt je daar stekken waar nog nooit iemand gevist heeft. Ga je op bezoek in het groothertogdom Luxemburg vergeet dan je hengels niet. Ondanks dat de waterkwaliteit afneemt kun je er nog best leuk vissen en op goede dagen redelijk vangen.
Tja, en dan het Mekka van de barbeelrivieren in de Benelux. De Nederlandse rivieren! Had je dit tien jaar geleden beweert dan hadden ze je waarschijnlijk voor gek verklaart. Ondanks de problemen die we hier kennen met o.a. de kribverlaging en staatsbosbeheer die steeds meer looprecht wegkaapt kun je hier in de lage landen aardig barbeel vangen. De populatie is hier in tegenstelling tot bij onze zuiderburen sterk groeiende. Gewapend met de benodigde papieren, kaas, made en pellets is een succesvolle tocht als de onze al snel mogelijk. Je hoeft er zelfs niet voor over de grens…..
Frans Vogels en Gert Broeze
